nieuws > archief > khalid boudou op het rembrandt college
Khalid Boudou op het Rembrandt College

Khalid Boudou op het Rembrandt College

24 september 2016 09:06

Of: “Hoe lezen de wereld mooier kan maken!”

In het kader van de Literatour (voor de leerlingen moest deze term uitgelegd worden) bezocht Khalid Boudou afgelopen maandag onze school voor twee groepen van leerlingen uit T3, H3 en V3. We kennen Boudou van zijn verfilmde boeken: ‘Het schnitzelparadijs’, ‘Pizzamaffia’ en ‘De president’.

"Hoeveel verdient u nou met het schrijven van een boek?" was één van de vragen. “Nou niet zo veel”; hij geeft twee dagen per week les op het Via Nova College in Utrecht. Dat was duidelijk te merken in Boudous aanpak. Hij wisselde, steeds met een grote glimlach, zijn verhaal af met filmtrailers en het beantwoorden van vragen.

Boudou is een geëngageerd schrijver. Naar aanleiding van de vraag waar hij zijn inspiratie vandaan haalt, vertelt hij dat hij zijn leerlingen aanmoedigt te discussiëren over onderwerpen die zij aandragen. Hij vertelt over Tarik, die op een dag geagiteerd vraagt: “Meester, heeft u gisteren de journaal gezien?” “Ja, jongen, ik heb het journaal gezien.” “Meester, het is oorlog in de Midden-Oosten. De Israëliërs, zij maken Palestijnen af! Daarover wil ik praten!”

In eerste instantie voelt Boudou daar niet veel voor, hij is bang dat de discussie uit de hand zal lopen, maar Tarik weet hem over te halen. Het wordt een heftig gesprek: “De Joden, zij overheersen de Palestijnen”, “Zij zijn fout, zij moeten dood”, maar een tijdje later: “Palestijnen hebben toen die bom af laten gaan, zij moeten ook een beetje dood!” Aan het einde moest eigenlijk iedereen dood. Dit inspireerde Boudou tot het schrijven van ‘Pizzamaffia’, een roman over oorlog tussen twee pizzeria’s, waarin het gaat over goed en kwaad, wie is fout? Iedereen heeft goede en minder goede kanten, het leven is niet zwart/wit.

Hij laat twee leerlingen een dialoog uit het boek voorlezen, waarin de twee elkaar proberen te begrijpen. Aanvankelijk wat giebelend en aarzelend, komen de leerlingen steeds meer in hun rol. Zo probeert Boudou de leerlingen zijn levensles te laten ervaren:

“De mensen van nu zijn veel te veel met zichzelf bezig, kijk naar alle selfies, Facebook, Boef en de vloggers uit Zaandam. Mensen met een grote bek zijn, onder het mom van vrije meningsuiting, heel bepalend. Voor jongeren van nu komt er veel op ze af. Je moet kunnen filteren, kunnen onderscheiden, anders raak je de weg kwijt. Als je leest, leer je jezelf in een ander te verplaatsen, je komt los van jezelf, je kijkt vanuit andere ooghoeken naar de wereld. Je leert over de wereld en gaat die beter begrijpen!”

Boudou vertelt over het ontstaan van zijn schrijverschap. Hij groeide op vóór internet; hij las en luisterde naar Rai muziek. Hij las veel negatiefs over Marokkaanse jongeren in de krant. Iemand spoorde hem aan zelf een krant te gaan schrijven. Het krantje werd populair, Boudou was de “hoofdredacteur”. Aangezien er geen andere redactieleden waren, bedacht hij die zelf. Daarvoor moest hij zich in die verzonnen personages inleven, hij keek naar de werkelijkheid vanuit die verschillende personages. Zo rolde hij in het schrijverschap.

“Welk boek is uw favoriet?” Dat is zijn eerste roman ‘Het schnitzelparadijs’. Boudou groeide op in Tiel en zijn eerste baantje was in de horeca bij ‘Van der Valk’. Hij werkte bij het ijs, dat bood hem veel tijd om rond te kijken, zodat hij de anderen goed kon bestuderen. In het boek werkt Nordip in restaurant De Gier en ‘leest’ daar de anderen. Hij is een buitenbeentje, maakt zich los van andere Marokkanen, wil andere culturen proeven. De keuken is een plek om anderen te ontmoeten, die je anders niet zou tegenkomen. Nordip leert veel over het leven door in die keuken goed rond te kijken. De tip van Boudou voor onze leerlingen: “Jullie moeten ook veel keuzes maken. Werk een jaar bij ‘Van der Valk’, je leert er veel over de wereld, zodat je betere keuzes kan maken.”

En verder natuurlijk: “Richt je op de buitenwereld, blijf lezen, zo ontwikkel je jezelf!”

Bovenstaand verslag is van Mw. Albeda (docent Nederlands).